Verhuizingsprocedure ouderen zwaar onder de maat

Het meldpunt Gedwongen Verhuizingen in de ouderenzorg, een initiatief van patiëntfederatie NPCF, het Nationaal Ouderenfonds en ouderenkoepel CSO, hebben binnen een week tijd maar liefst 500 meldingen binnengekregen over ouderen die klachten hebben over de gedwongen verhuizingen als gevolg van het Voorjaarsakkoord. 200 van deze meldingen komt van mensen die zelf gedwongen moeten verhuizen.

Wilna Wind van de patiëntenfederatie NPCF is van mening dat staatssecretaris Van Rijn zo snel mogelijk moet ingrijpen. Van Rijn, die de meldingen zeer serieus neemt, steunt het meldpunt en zal erop toezien dat tehuizen voorzichtig omgaan met bewoners.

Branchevereniging van zorginstellingen, Actiz, is van mening dat er te veel onnodige zorginstellingen voor ouderen worden gesloten door de reorganisatie van de ouderenzorg en dat ze daarnaast veel te snel dicht gaan. Aad Koster, directeur van Actiz, meldt dat de overheid en verzekeraars meer hadden moeten samenwerken met de branchevereniging. Op die manier hadden er veel meer zorginstellingen open kunnen blijven. Veel verzekeraars bouwen veel sneller hun inkoop bij Actiz af terwijl Actiz alternatieven heeft, maar dat wordt belemmerd door de regels van de overheid.

Voorjaarsakkoord

In het Voorjaarsakkoord is afgesproken dat de ouderenzorg veranderd wordt. Het verhuizen van ouderen en het sluiten van zorginstellingen is een gevolg van de nieuwe afspraken. Echter is de manier waarop dit wordt uitgevoerd onacceptabel, vindt Wind. “De coördinatie is gebrekkig en in de meeste gevallen mist er een menselijke benadering van de ouderen.”

Ook Jan Romme van het Nationaal Ouderenfonds is geschrokken van de onzorgvuldigheid bij het uitvoeren van deze nieuwe maatregelen. De meeste meldingen op het meldpunt kwamen van familieleden en naasten van getroffen ouderen. Echter is er een grote groep ouderen die geen familieleden en naasten hebben om voor hen te spreken, dus is het nog maar de vraag wat het daadwerkelijk aantal klachten zou kunnen zijn rondom deze zaak.

Menselijkheid ontbreekt

Een van de voorbeelden van de matige uitvoering van de nieuwe regels bestaat uit het veel te laat melden van de veranderende omstandigheden. Sommige ouderen krijgen slechts enkele weken voor een verhuizing te horen dat ze weg moeten. Ook zijn er buren binnen de instelling die vragen of het mogelijk is om gezamenlijk in een ander tehuis geplaatst te kunnen worden. Deze mensen krijgen hier gewoonweg geen reactie op.

Veel van de melders willen graag meer zeggenschap hebben over de verhuizingen, zodat de toekomstig nieuwe woonomgeving beter aansluit bij de bewoner, zoals in het geval van gelovige ouderen die graag een kerk in de buurt zouden willen hebben.

Op dit moment ontbreekt bij de verhuizingen een overkoepelend orgaan die toeziet op de verhuizingen. De NPCF pleit dan ook voor centraal toezicht hierop, zoals dat ook op de transitie Jeugdzorg is gedaan. De Ouderenombudsman Romme is van mening dat er een landelijk protocol ingevoerd dient te worden voor het verhuizingsproces.

Onzekerheid onder ouderen

Relatief het merendeel van de meldingen heeft betrekking op de onzekerheid die ouderen hebben als gevolg van de verhuizing naar een andere locatie. De ouderen die moeten verhuizen verliezen namelijk hun vertrouwde sociale contacten en vinden het moeilijk om dit weer opnieuw op te bouwen. De ouderen die blijven zien tevens hun gebouw steeds leger worden en krijgen amper informatie te horen over hun eigen toekomst.

Meeste verhuizingen verlopen goed

De directeur van brancheorganisatie zorg Actiz, Aad Koster, benadrukt dat de voorlichting en uitvoering van de verhuizingen in de meeste gevallen zorgvuldig plaatsvindt. In sommige gevallen verhuist het personeel bijvoorbeeld mee zodat de bewoners de vertrouwde gezichten behouden. Maar indien het niet goed gaat, zoals in de meldingsgevallen, is het belangrijk dat de leden daar op aangesproken kunnen worden, meldt Koster.

Hoe nu verder

Koster is ook van mening dat sommige ouderen prima zouden moeten kunnen blijven op hun locatie door middel van een andere huurconstructie, het is daarom ook zaak dat de politiek dat mogelijk gaat maken. Staatssecretaris van Rijn wijst erop dat hij vorige week met alle betrokken partijen heeft afgesproken dat de belangen van de betreffende bewoners immer het uitgangspunt blijven vormen van de transitie van de langdurige zorg. Hij roept de zorginstellingen nogmaals op om uiterst zorgvuldig te handelen en tijdig te communiceren met de betreffende ouderen en rekening te houden met de wensen van de bewoners in geval van onvermijdelijke verhuizingen.

Meer interessante artikelen

Discussieer mee!