Grote vrees bij huisartsen, psychologen en fysiotherapeuten voor beperking keuzevrijheid

Verschillende belangenorganisaties maken zich grote zorgen over de discussie bij het kabinet onder leiding van minister Schippers om zorgverzekeraars niet meer te verplichten de zorg te vergoeden van zorgverleners waar zij geen contract mee hebben. Dit laat zowel het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP), de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), de Nederlandse Vereniging voor Osteopathie (NVO), de Nederlandse Vereniging voor Pathologie (NVVP) als de Landelijke Vereniging van Eerstelijnspsychologen (LVE) weten. Ook de VvAA, de ledenorganisatie voor zorgprofessionals, strijdt voor het behoud van de vrije artsenkeuze. Ze vinden dat het fundamentele recht om als Nederlandse burger zelf te kunnen kiezen voor een zorgverlener gewaarborgd moet worden. De organisatie heeft de Tweede Kamer in een brief opgeroepen hun verantwoordelijkheid te nemen om dit recht te blijven waarborgen.

Achtergrond

Schippers stelde eerder al voor om zorgverzekeraars meer ruimte te geven door geen zorg te vergoeden als die wordt geleverd door ziekenhuizen waar geen contract mee is afgesloten. De VVD eist dat de drie oppositiepartijen SGP, ChristenUnie en D66 instemmen met het plan van Schippers. Op dit moment is er namelijk nog geen meerderheid hiervoor in de Eerste Kamer. In ruil daarvoor gaat de grootste coalitiepartij akkoord met het extra geld voor de zorgtaken die volgend jaar aan de gemeenten zullen worden overgedragen.

Ontbreken van gelijk speelveld

De verschillende instanties laten in een brief aan de Tweede Kamer weten dat ze zich vooral druk maken om het nog ontbreken van een gelijk speelveld in de zorg. Ze stellen dat de zorgaanbieders door zorgverzekeraars nog niet gelijk worden behandeld waardoor het nog veel te vroeg is om dit soort drastische maatregelen in te voeren. Schippers meldt daarentegen dat door deze vernieuwing zorgverzekeraars meer op de prijs en kwaliteit gaan sturen. Daarnaast stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) dat de premie na afschaffing met 100 euro per jaar per persoon gaat dalen. Echter worden de nadelen die gepaard gaan met de afschaffing niet in kaart gebracht door zowel de NZa als door minister Schippers. De minister is overeengekomen pas in te grijpen in de vrije zorgkeuze als er sprake is van een gelijk speelveld, maar volgens de instanties heeft nu niet iedere zorgaanbieder een gelijke uitgangspositie op het moment dat de zorgverzekeraars starten met de inkoop van zorg voor het komende jaar. “Zorgverzekeraars mogen slechts een deel van het totaal aantal zorgaanbieders in hun regio de mogelijkheid geven tot het sluiten van een zorgcontract. Voor de andere zorgaanbieders is er daarna geen onderhandelingsmogelijkheid meer,” melden de organisaties. Hierdoor wordt er niet op een verantwoorde manier zorg aangeboden.

ChristenUnie en SGP

De VVD hebben afgelopen woensdag wederom hard hun best gedaan om in overeenstemming te komen met de oppositiepartijen ChristenUnie en de SGP. Echter blijven zij kritisch en vinden zij dat de keuzevrijheid van de patiënt niet beperkt mag worden. Ze willen nog steeds niet akkoord gaan met de inperking van de vrije artsenkeuze die de drie overige partijen voorstaan. Desondanks werd er gisteravond doorgepraat over de invulling van het extra geld voor de langdurige zorg.

Gaat niet alleen om ziekenhuiszorg

Tevens laten de instanties weten dat zij het idee hebben dat consumenten slechts het idee hebben dat het om ziekenhuiszorg gaat, aangezien dit het breedst wordt uitgemeten binnen de media. Echter gaat dit akkoord ook om huisartsen, tandartsen, psychologen en fysiotherapeuten. Ook voor hen geldt dat indien zij geen contract hebben met een zorgverzekeraar, een behandeling bij hen niet meer zal worden vergoed als de plannen van minister Schippers door zullen gaan, terwijl je nu nog ongeveer 70 procent van de behandeling vergoed krijgt van de verzekeraar. Daarnaast zullen zorgaanbieders die wel een contract hebben met de zorgverzekeraar overladen worden met extra patiënten. Ook dit zal ten koste gaan van de kwaliteit van de zorg.

Kortom

De organisaties vinden het dus zeer kwalijk dat verzekeraars wellicht op de stoel van de behandelaar gaan zitten en in steeds sterkere mate de inhoud van de zorg gaan bepalen. Zeker bij langdurige en persoonlijke zorg zoals bijvoorbeeld in het geval van psychische stoornissen is een goede vertrouwensrelatie tussen de patiënt en diens behandelaar van essentieel belang. Verzekeraars zijn verplicht om genoeg zorg in te kopen voor hun verzekerden en kijken hierbij naar de meest gunstige prijs. Hierbij is het onmogelijk voor de verzekeraar om de persoonlijke band tussen de patiënt en diens behandelaar in acht te nemen. Het moet dan ook mogelijk blijven dat indien er geen vertrouwensband is, de patiënt eventueel naar een andere behandelaar kan stappen, ook indien deze geen contract heeft, zo vinden de organisaties.

Meer interessante artikelen

Discussieer mee!